Adam en Eva leefden in de tuin van Eden, in het paradijs. Een plek waar ze in volmaakte harmonie met God leefde en met de natuur. Ze communiceerde met God en de natuur vanuit een geestelijke dimensie.
De mens liet zich verleiden door de slang, de stem van de duisternis. Toen de mens zich afkeerde van God kwam de mens buiten de tuin van Eden, onder de vloek van de aarde en de macht van de duisternis, dood, ziekte en verderf. Toen werd het moeilijk om te verbinden met die geestelijke dimensie.
De duisternis, Satan had niet het laatste woord. God had al voordat de mens in zonde viel voorzien in een oplossing.
Voordat God de eerste mens schiep, wist Hij al dat Hij Jezus Christus zou sturen naar de wereld om ons te verlossen en weer terug te brengen in de goddelijke harmonie en eenheid met God.
De grootste bevrijding die je kan ontvangen is de liefde van God. Door Jezus kan je weer verbinden met de waarheid en de liefde van God. Met de tuin van Eden.
Leugens van de duisternis, Satan zal je steeds weer trekken in een lagere dimensie. Je laten zien wat je allemaal mist, hoe slecht de wereld er aan toe is. Maar zo kijkt God niet. Hij trekt je hoger op en vertelt wie je werkelijk bent. Een geliefd kind van God.